2 Tessalonicenzen
2 Tessalonicenzen 3:3
Maar voor u, broeders en zusters, geliefden van de Heer, moeten wij God altijd danken. Hij heeft u als eersten uitgekozen om te worden gered door de Geest die heilig maakt en door het geloof in de waarheid. Hij heeft u daartoe geroepen door het evangelie dat wij u verkondigd hebben en waardoor u zult delen in de luister van onze Heer Jezus Christus. Wees standvastig, broeders en zusters, en blijf bij de traditie waarin u door ons onderwezen bent, in woord of geschrift. Mogen onze Heer Jezus Christus en God, onze Vader, die ons zijn liefde heeft getoond en ons door zijn genade blijvende steun en goede hoop gegeven heeft, u aanmoedigen en sterken in al het goede dat u doet en zegt.
Voor het overige, broeders en zusters, bid voor ons. Bid dat het woord van de Heer zich elders even snel verspreidt en evenzeer geprezen wordt als bij u. Bid ook dat wij worden behoed voor slechte en kwaadaardige mensen, want niet iedereen is betrouwbaar.
Maar de Heer is trouw, Hij zal u kracht geven en u tegen het kwaad beschermen.
De Heer geeft ons het vertrouwen dat u doet wat wij u opdragen en dat zult blijven doen. Moge de Heer uw hart richten op de liefde voor God en de standvastige trouw aan Christus.
God is trouw.
Hij zal u kracht geven, je zal tegen het kwaad beschermd worden.
Mensen veranderen. God verandert nooit. Hij blijft trouw. Ook dit jaar gaat God weer met je mee. Hij zal je kracht geven zoals Hij altijd wil doen.
